ECLI:NL:RVS:2006:AZ5168
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- C.H.M. van Altena
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Verzoek om subsidie voor verzorging kleindochter afgewezen wegens ontbreken pleegcontract
Appellant wees een subsidieaanvraag af van een persoon die subsidie vroeg voor de verzorging en opvoeding van zijn kleindochter. Deze subsidie is alleen toegekend aan pleeggezinnen die een pleegcontract hebben gesloten. De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat voogden gelijkgesteld moeten worden met pleegouders voor subsidiëring.
De Raad van State stelde echter vast dat de Wet op de jeugdhulpverlening (Wjhv) alleen subsidiëring toestaat aan pleeggezinnen met een pleegcontract en dat voogden die niet zijn geplaatst op basis van een pleegcontract niet in aanmerking komen voor deze subsidie. De Raad vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt dat het wettelijke kader strikt is en dat subsidies voor pleegzorg niet kunnen worden toegekend aan voogden zonder pleegcontract.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidieaanvraag afgewezen wegens ontbreken van een pleegcontract.