ECLI:NL:RVS:2006:AZ2760
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W.D.M. van Diepenbeek
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanwijzing gemeentelijke monumenten Botenmakersstraat 112-114 te Zaandam
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad plaatste de panden aan de Botenmakersstraat 112-114 op de gemeentelijke monumentenlijst. Appellante, de Nederlands Gereformeerde Kerk, maakte bezwaar tegen deze aanwijzing, dat door het college en de rechtbank ongegrond werd verklaard.
Appellante voerde aan dat het besluit onbevoegd was genomen en dat het advies van de monumentencommissie niet als zodanig kon worden beschouwd. De Raad van State oordeelde dat uit de stukken blijkt dat de monumentencommissie positief heeft geadviseerd en dat het college dit advies heeft overgenomen. Ook het tegenadvies van een deskundige bood geen voldoende grond om de monumentwaardigheid te betwijfelen.
Verder stelde appellante dat het verplichte overleg met de eigenaar niet had plaatsgevonden. Hoewel het college niet kon aangeven met wie het overleg was gevoerd en hiervan geen verslag bestond, oordeelde de Raad dat appellante niet in haar belangen was geschaad omdat het enige overlegargument geen betrekking had op het voortzetten van het gebruik voor godsdienstuitoefening. Tenslotte was het college niet verplicht de aanwijzing achterwege te laten vanwege de fusieplannen van appellante.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee de aanwijzing van de panden als gemeentelijke monumenten ongewijzigd bleef.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanwijzing van de panden als gemeentelijke monumenten wordt bevestigd.