ECLI:NL:RVS:2006:AZ2278
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.H.B. van der Meer
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking subsidie glastuinbouw wegens voortijdige investeringsaanvang
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit trok bij besluit van 24 januari 2005 een eerder toegekende subsidie van €83.700,- aan appellante in en vorderde het bedrag met rente terug. De subsidie was verleend voor investeringen in de reconstructie van glastuinbouwkavels. Appellante stelde dat de investeringsverplichtingen pas na de ontvangstbevestiging van haar subsidieaanvraag waren aangegaan, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet het geval was en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat de aannemer pas op 26 april 2002 een overeenkomst sloot en dat eerdere werkzaamheden en inkooporders voor zijn risico waren, gericht op prijsstelling. De Raad van State oordeelde dat de aannemer al vóór de ontvangstbevestiging op 25 april 2002 verplichtingen was aangegaan, zoals het bevestigen van opdrachten en het uitvoeren van heiwerk, en dat dit volgens de regeling voldoende is om te spreken van aanvang van de investering.
De Raad van State bevestigde hiermee het besluit van de Minister en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de subsidie wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.