ECLI:NL:RVS:2006:AZ0816
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vergunning voor kaas- en klompenmakerij wegens geluidhinder afgewezen
Bij besluit van 6 maart 2006 verleende het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen een milieuvergunning voor een kaas- en klompenmakerij op een perceel in Amstelveen. Appellanten dienden beroep in tegen dit besluit, stellende dat zij geluidsoverlast ondervonden, met name door vervoersbewegingen, en dat de aan de vergunning verbonden geluidgrenswaarden ontoereikend waren.
De Raad van State stelde vast dat de gronden met betrekking tot stankhinder en horizonvervuiling niet als bedenkingen tegen het ontwerpbesluit waren ingebracht, waardoor het beroep op die punten niet-ontvankelijk werd verklaard. Ten aanzien van de geluidsoverlast oordeelde de Raad dat de verleende grenswaarden gebaseerd waren op de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening en het referentieniveau van het omgevingsgeluid in de omgeving.
Het akoestisch rapport toonde aan dat met het plaatsen van een geluidscherm het geluidniveau tot maximaal 50 dB(A) kon worden beperkt, wat redelijk werd geacht gezien de aard van de activiteiten en de afstand tot woningen. Hogere eisen waren niet redelijk vanwege de investeringskosten en de beperkte geluidsreductie. De Raad concludeerde dat de geluidgrenswaarden toereikend waren om geluidhinder te voorkomen of voldoende te beperken.
Het beroep werd voor zover ontvankelijk ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de milieuvergunning is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond, waardoor de vergunning gehandhaafd blijft.