ECLI:NL:RVS:2006:AZ0799
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- M. Vlasblom
- M.P. Glerum
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake vergunning uitbreiding woning in rivierbed Maas
De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat verleende op 17 juni 2005 een vergunning aan een vergunninghouder voor het maken en behouden van een uitbreiding van een woning en een balkon in het rivierbed van de Maas. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door de Staatssecretaris ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde de zaak en oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en dat direct uitspraak kon worden gedaan in de hoofdzaak.
De Voorzitter vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter omdat deze de grondslag van het bestuursbesluit had verlaten door te oordelen dat de Staatssecretaris van de Beleidslijn 'Ruimte voor de rivier' mocht afwijken. De Staatssecretaris had zich terecht op het standpunt gesteld dat de vergunning kon worden verleend vanwege de gerechtvaardigde verwachting van de vergunninghouder, die voortvloeide uit een eerdere vergunning die aan een partij was verleend en later was ingetrokken.
De Voorzitter verklaarde het beroep tegen het besluit van 17 juni 2005 ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.