ECLI:NL:RVS:2006:AY9384
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M. Vlasblom
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bouwvergunning De Marel te Hillegom
Het college van burgemeester en wethouders van Hillegom verleende op 24 juni 2005 een vrijstelling en bouwvergunning voor de eerste fase van het bouwen van 88 woningen in het project De Marel. Verzoekers maakten bezwaar tegen dit besluit, dat op 25 november 2005 ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde op 15 februari 2006 de beroepen gegrond en vernietigde het besluit, waarna het college werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Tegen deze uitspraak werd hoger beroep ingesteld door meerdere verzoekers. Het college verklaarde op 25 juli 2006 de bezwaren gegrond en handhaafde het primaire besluit onder verbetering van de motivering. Verzoekers vroegen vervolgens bij de Raad van State om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het bouwplan binnen de toegestane rode contouren van het streekplan valt en dat de nadere motivering en rapporten over luchtkwaliteit, flora en fauna en erfdienstbaarheden voldoende waren. De belangen van de vergunninghouder en toekomstige bewoners wegen mee, evenals de verbetering van de woonomgeving door sloop van oude gebouwen en behoud van groen.
Gezien deze omstandigheden zag de Voorzitter geen reden voor een voorlopige voorziening en wees de verzoeken af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning voor het project De Marel is afgewezen.