ECLI:NL:RVS:2006:AY7181
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- M. Oosting
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar en opdracht nieuwe beslissing op bezwaar
Appellanten hadden bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Reeuwijk waarin een nadere eis ten behoeve van een horecagelegenheid was ingetrokken. Dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard. Appellanten stelden dat deze niet-ontvankelijkverklaring onterecht was.
Ter zitting gaf verweerder aan dat het bezwaar inhoudelijk had moeten worden behandeld en erkende dat de niet-ontvankelijkverklaring abusievelijk was. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het besluit op bezwaar in strijd was met het rechtsbeginsel van zorgvuldigheid en vernietigde het besluit.
De Afdeling droeg het college van burgemeester en wethouders op binnen zes weken een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellanten. Hiermee werd het beroep gegrond verklaard en de procedure heropend voor een inhoudelijke behandeling van het bezwaar.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit op bezwaar wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen binnen zes weken.