ECLI:NL:RVS:2006:AX9490
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tweede woonvoorziening zonder bouwvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Schijndel legde op 7 september 2004 een last onder dwangsom op aan de wederpartij vanwege het zonder vergunning realiseren van een tweede woonvoorziening op het perceel Kapeleind 7. De rechtbank verklaarde het beroep van de wederpartij tegen dit besluit ongegrond. Appellant, als erfgenaam van de wederpartij, stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of het college terecht handhavend heeft opgetreden. Appellant voerde aan dat door het indienen van een bouwaanvraag en het staken van het illegale gebruik concreet uitzicht op legalisering bestond, zodat handhaving niet meer op zijn plaats was. De Raad van State oordeelde dat het besluit ex tunc moet worden getoetst, uitgaande van de feiten ten tijde van het besluit, en dat latere omstandigheden geen rol spelen.
Verder verwierp de Raad van State het beroep op een eerdere uitspraak waarin een weigering tot handhaving werd beoordeeld, omdat de casus niet vergelijkbaar was. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard en handhavingsbesluit bevestigd.