ECLI:NL:RVS:2006:AX9460
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belanghebbendheid bij vergunning tot sloop van viaducten in Amsterdam
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Zuidoost van Amsterdam verleende een vergunning voor het slopen van vier viaducten. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat hij niet als belanghebbende werd aangemerkt. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellant gegrond en schorste het besluit.
Na een hernieuwde beslissing bleef het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk en verklaarde de voorzieningenrechter het beroep ongegrond. Appellant stelde dat hij als erfpachter wel degelijk belanghebbende was, maar de Raad van State oordeelde dat zijn erfpachtrecht niet betrekking had op de percelen met de viaducten en dat hij te ver van de viaducten woonde om direct in zijn belang te zijn.
De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en wees het verzoek om schadevergoeding af. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en zijn bezwaar niet-ontvankelijk geacht omdat hij geen belanghebbende is.