ECLI:NL:RVS:2006:AX7065
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen afwijzing schadeverzoek wegens civielrechtelijke aansprakelijkheid
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Uden wees een verzoek tot schadevergoeding af dat was gebaseerd op een civielrechtelijke aansprakelijkstelling wegens onrechtmatige daad. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk omdat het geen bestuursrechtelijk besluit betrof. Het college stelde dat het wel om een bestuursrechtelijk besluit ging, maar dit werd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verworpen.
De Afdeling oordeelde dat de brief van het college van 14 juli 2004, waarin het verzoek werd afgewezen, niet als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht kon worden aangemerkt. De gestelde schade was het gevolg van feitelijk onrechtmatig handelen en niet van een bestuursrechtelijke bevoegdheidsuitoefening gericht op rechtsgevolg. Hierdoor was de bestuursrechter niet bevoegd kennis te nemen van het bezwaar en beroep.
Het hoger beroep van het college werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de wederpartij in verband met het hoger beroep.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen afwijzing schadeverzoek.