Uitspraak
200300807/1).
Raad van State
Verweerder heeft op 9 mei 2005 het tracébesluit vastgesteld voor de verbreding van de Randweg Eindhoven van twee naar vier rijbanen over het traject km 10.417 tot 10.609. Appellanten hebben hiertegen beroep ingesteld, stellende dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar vervangende locaties voor hun woning en bedrijf en dat het besluit in strijd is met het Besluit luchtkwaliteit 2005.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in eerdere uitspraak van 17 maart 2004 geoordeeld dat verweerder onvoldoende had onderzocht hoe de nadelige gevolgen voor appellanten konden worden beperkt, met name ten aanzien van herhuisvesting. Naar aanleiding daarvan zijn door taxatie- en adviesbureau Gloudemans en ingenieursbureau Oranjewoud onderzoeken verricht naar mogelijke vervangende locaties, waarbij ook overleg met appellanten en de gemeente Veldhoven heeft plaatsgevonden.
De Afdeling stelt vast dat verweerder voldoende onderzoek heeft gedaan naar vervangende locaties en dat de onderzoeken geen zodanige gebreken vertonen dat het besluit niet op deze gronden kan worden genomen. Ook de luchtkwaliteitsaspecten zijn beoordeeld en de Afdeling ziet geen aanleiding om aan te nemen dat het besluit in strijd is met het Besluit luchtkwaliteit, mede omdat het geschil zich beperkt tot de belangenafweging rondom herhuisvesting.
De Afdeling verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. Het tracébesluit is daarmee rechtsgeldig vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen het tracébesluit Randweg Eindhoven wordt ongegrond verklaard.