ECLI:NL:RVS:2006:AW3972
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Weigering bouwvergunning dakkapel wegens strijd met redelijke eisen van welstand
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag weigerde op 20 september 2004 een lichte bouwvergunning voor het plaatsen van een dakkapel in het achterdakvlak van een woning. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt, dat door het college ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen deze weigering eveneens ongegrond. Appellante stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep tegen de last onder dwangsom niet-ontvankelijk was, omdat appellante daartegen geen beroep had ingesteld bij de rechtbank. Het college had de weigering van de bouwvergunning gehandhaafd op basis van het negatieve advies van de welstandscommissie, die oordeelde dat de dakkapel de architectuur van het dakvlak aantastte en een onevenwichtige massacompositie veroorzaakte.
De Raad van State vond dat het college terecht op het welstandsadvies mocht vertrouwen, aangezien appellante geen tegenadvies had overgelegd en er geen gebreken waren in het advies. Ook de argumenten van appellante over interne verschillen binnen de welstandscommissie en de behoefte aan extra ruimte boden geen aanleiding om het besluit te wijzigen. De kleurwijziging van het bouwwerk was niet relevant voor het welstandsadvies. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de last onder dwangsom is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen de weigering van de bouwvergunning is ongegrond verklaard.