ECLI:NL:RVS:2006:AV6409
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.W.M. Bijloos
- M.A.A. Mondt Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake niet in behandeling nemen verblijfsaanvraag wegens niet betaling leges
Appellante had een aanvraag ingediend voor verlenging van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. De minister stelde deze aanvraag buiten behandeling omdat de leges niet waren voldaan. Appellante maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde zij beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. Appellante ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat een beroepsgrond die pas in het hoger beroep was aangevoerd, niet tot het geschil behoorde. De Afdeling stelde vast dat het binnen de grenzen van de wet en goede procesorde is om ook gronden mee te wegen die na het bestuursbesluit zijn aangevoerd en niet in bezwaar naar voren zijn gebracht.
De Afdeling overwoog dat appellante de leges niet had betaald en dat de minister de aanvraag terecht buiten behandeling had gesteld. Het beroep tegen dit besluit werd ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd omdat deze onjuiste overwegingen had gemaakt over de omvang van het geschil.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de aanvraag terecht buiten behandeling gesteld wegens niet betaling van leges.