ECLI:NL:RVS:2006:AV5071
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake bouwvergunning voor twee woningen in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort verleende op 15 april 2004 een vrijstelling en bouwvergunning voor het bouwen van twee vrijstaande woningen op een perceel, in strijd met het toen geldende bestemmingsplan. Appellanten maakten bezwaar en stelden beroep in tegen deze vergunning, stellende dat het college de belangen ondeugdelijk had afgewogen en de ruimtelijke onderbouwing onvoldoende was.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bouwplan in overeenstemming was met het ontwerp-bestemmingsplan en dat de ruimtelijke onderbouwing adequaat was. Tevens werd geoordeeld dat het bouwplan een positief welstandsadvies had en dat het college terecht geen voorwaarden had verbonden aan de keuze van architect, aangezien dit niet tot de mogelijkheden behoorde volgens de Woningwet.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 15 maart 2006 door de enkelvoudige kamer.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.