ECLI:NL:RVS:2006:AV3897
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W. van den Brink
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving last onder dwangsom wegens strijdige bewoning bedrijfsloods
Het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout legde appellant een last onder dwangsom op om de bewoning van een bedrijfsloods te staken, omdat deze in strijd was met het bestemmingsplan "Buitengebied". Appellant voerde aan dat slechts één dienstwoning was toegestaan en dat de bewoning niet in strijd was met het bestemmingsplan, omdat het pand als woning niet was aangewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigde dit oordeel. Uit inspecties bleek dat het pand daadwerkelijk als woning werd gebruikt, terwijl ook een ander pand als woning werd bewoond, hetgeen strijdig is met artikel 32 van Pro de planvoorschriften. Het college was bevoegd om handhavend op te treden.
Appellants beroep op het vertrouwensbeginsel faalde, mede omdat het college eerder had aangegeven handhavend te zullen optreden bij strijdige bewoning. De Raad van State oordeelde dat er geen bijzondere omstandigheden waren om af te zien van handhaving en bevestigde de eerdere uitspraak zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het handhavingsbesluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.