Uitspraak
200407113/1is het besluit van 4 november 2003, waarbij de melding is geaccepteerd, in rechte onaantastbaar.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade verleende op 30 maart 2004 een bouwvergunning voor het oprichten van twee stallen op een perceel te Kerkrade. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het bouwplan afweek van de eerder gedane melding krachtens de Wet milieubeheer en dat de afstand tot zijn woning in strijd was met de oprichtingsvergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de tekening bij de bouwvergunning geen afwijking toonde ten opzichte van het bouwplan waarop de melding milieubeheer betrekking had. Tevens werd geoordeeld dat de afstand van 5 meter tussen de stal en de perceelsgrens werd gerespecteerd en dat er geen strijd was met het bestemmingsplan. Het betoog dat de bouwvergunning in strijd zou zijn met de oprichtingsvergunning vanwege de afstand tot de woning faalde eveneens, omdat dit niet viel onder de gronden voor weigering van de bouwvergunning volgens de Woningwet.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank Maastricht en wees het hoger beroep van appellant af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning blijft van kracht.