ECLI:NL:RVS:2006:AV3837
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.C.K.W. Bartel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Nieuwmarkt 2004
De stadsdeelraad van Amsterdam-Centrum stelde op 31 maart 2005 het bestemmingsplan Nieuwmarkt 2004 vast, dat onder meer het Scheepvaarthuis en aangrenzende onbebouwde gronden betreft. Verzoeker stelde beroep in tegen de goedkeuring van dit plan door het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 13 februari 2006 en oordeelde dat het verzoek zich alleen richtte op plandelen met de bestemming 'Gemengde doeleinden' voor het Scheepvaarthuis en aangrenzende gronden. Verzoeker stelde dat de hotelfunctie in strijd is met de gemeentelijke Hotelnota en dat de verkeers- en parkeersituatie onvoldoende is onderzocht.
De Voorzitter concludeerde dat voor de onbebouwde gronden geen spoedeisend belang bestond omdat geen bouwplannen voorhanden waren en geen bouwaanvragen verwacht werden. Voor het Scheepvaarthuis was wel een spoedeisend belang aanwezig, maar de Voorzitter vond onvoldoende aanleiding te verwachten dat de hotelfunctie tot een hogere verkeersdruk zou leiden dan de bestaande of andere toegestane functies.
Ook achtte hij de hotelfunctie niet strijdig met het gemeentelijke beleid. Gezien deze overwegingen wees de Voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan Nieuwmarkt 2004 wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.