ECLI:NL:RVS:2006:AV2270
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- J.A.M. van Angeren
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing op bezwaar inzake handhaving kantoorverwijdering in agrarisch gebied Loenen
Het college van burgemeester en wethouders van Loenen legde aan appellant a een last onder dwangsom op om het onderhoud aan boten te staken, het kantoor van appellant b te verwijderen en andere bouwwerken aan te passen of te verwijderen op een perceel met agrarische bestemming. Appellant b werd eveneens een last opgelegd voor het verwijderen van de kantoorinrichting.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant b niet-ontvankelijk en verklaarde het beroep van appellant a gegrond voor zover het de kantoorruimte betrof, maar verzuimde het besluit op bezwaar te vernietigen. Het college en appellanten gingen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het beroep van appellant b terecht niet-ontvankelijk was verklaard en bevestigde dit. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze verzuimde het besluit op bezwaar van 15 maart 2004 te vernietigen met betrekking tot de kantoorruimte. Verder bevestigde zij de rest van de uitspraak.
De Afdeling overwoog dat het gebruik van het kantoor niet was toegestaan binnen het bestemmingsplan en dat het college bevoegd was handhavend op te treden tegen de niet-vergunde bouwwerken en het gebruik van het perceel in strijd met het bestemmingsplan. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel faalde, evenals het betoog dat sprake zou zijn van verkoop, verhuur en onderhoud van boten. Er was geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant a wordt gegrond verklaard en het besluit op bezwaar en het collegebesluit worden vernietigd voor zover het de kantoorverwijdering betreft; de rest van de uitspraak wordt bevestigd.