ECLI:NL:RVS:2006:AV0970
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- P. Klein
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing toevoeging rechtsbijstand
Het bureau rechtsbijstandvoorziening te Leeuwarden wees het verzoek van verzoekster om een toevoeging rechtsbijstand af op 4 februari 2003. Verzoekster stelde administratief beroep in, waarna het bureau het besluit herzag maar het beroep alsnog ongegrond verklaarde. De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de bestreden beslissing.
De Raad van State behandelde het hoger beroep van het bureau tegen deze uitspraak. De kern van het geschil betrof de kwalificatie van de SUWAS II-uitkering als vakantiegeld in de zin van het Besluit draagkrachtcriteria rechtsbijstand. De Raad oordeelde dat de rechtbank buiten de omvang van het geschil was getreden door deze uitkering als vakantiegeld te kwalificeren, terwijl partijen hierover geen geschilpunt hadden.
Daarom vernietigde de Raad van State de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep bij de rechtbank ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer op 1 februari 2006.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep bij de rechtbank ongegrond.