ECLI:NL:RVS:2006:AV0947
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A.C. Slump
- A.W.M. Bijloos
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen ministeriële besluiten over schoolvestigingen in Bergschenhoek
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verleende in 2004 goedkeuring aan het BOOR voor een nevenvestiging en aan de CVO voor de verplaatsing van een school naar Bergschenhoek. Het college van burgemeester en wethouders van Bergschenhoek maakte hiertegen bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde het college beroep in bij de Raad van State.
Het college voerde aan dat de minister in strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel handelde door het advies van gedeputeerde staten zonder cijfermatige onderbouwing te volgen en dat niet voldaan was aan het criterium van een substantiële relatie tussen wervingsgebieden. Tevens stelde het college dat de financiële gevolgen voor de gemeente onaanvaardbaar waren, wat bijzondere omstandigheden zou vormen.
De Raad van State oordeelde dat het advies van gedeputeerde staten zorgvuldig was voorbereid en dat de minister mocht aannemen dat met de nieuwe vestigingen aan de beleidsregel werd voldaan, mede gelet op de verwachte leerlingengroei door een Vinex-locatie. De financiële gevolgen voor de gemeente konden geen bijzondere omstandigheden vormen om van het beleid af te wijken. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van het college tegen de ministeriële besluiten over schoolvestigingen in Bergschenhoek wordt ongegrond verklaard.