Uitspraak
200304320/1, heeft het Bureau aan artikel 23, derde lid, van de ROW 1995 geen onjuiste uitleg gegeven, door de in die bepaling neergelegde maatstaf "zo spoedig mogelijk" op te vatten als: afhankelijk van de omstandigheden van het geval, binnen een periode van ten hoogste drie maanden na het ontdekken van het verzuim. Daarbij zijn in aanmerking genomen de belangen van derden die van de juistheid van het octrooiregister moeten kunnen uitgaan en daarnaar handelen. De Afdeling ziet in hetgeen appellante heeft aangevoerd geen aanleiding op dit oordeel terug te komen.