ECLI:NL:RVS:2006:AU9827
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schadevergoeding op grond van artikel 49 WRO na vrijstellingsbesluit voor AZC in Zaanstad
Appellant verzocht de gemeenteraad van Zaanstad om schadevergoeding op grond van artikel 49 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) vanwege een vrijstellingsbesluit voor de plaatsing van een asielzoekerscentrum (AZC) nabij zijn woning. De raad wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank Haarlem, die het beroep ongegrond verklaarde.
De Raad van State beoordeelde in hoger beroep of sprake was van een nadeliger planologische situatie door het vrijstellingsbesluit in vergelijking met het geldende bestemmingsplan "Saendelft". De Afdeling oordeelde dat de raad terecht was uitgegaan van de maximale mogelijkheden van het bestemmingsplan, ondanks dat de uitwerking van het plan nog niet concreet was. De vrijstelling maakte een minder ingrijpende bebouwing mogelijk dan het bestemmingsplan na uitwerking zou toestaan.
Verder stelde appellant dat hij geluidsoverlast, lichthinder en trillingen ondervond door het AZC. De Afdeling stelde vast dat de vrijstelling slechts de plaatsing van twee aggregaten mogelijk maakte en geen lichtmasten voorzag. De geluidsoverlast werd niet toegerekend aan het vrijstellingsbesluit maar aan het gedrag van de bewoners van het AZC. De Afdeling concludeerde dat de schade niet zodanig ernstig was dat deze niet voor rekening van appellant moest blijven.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, met een verbetering van de motivering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om schadevergoeding bevestigd.