ECLI:NL:RVS:2005:AU7959
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.M.A. Claessens
- L.E.M. Wilbers-Taselaar
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op energiepremie wegens te late aanvraag en ontbreken gerechtvaardigd vertrouwen
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer om haar aanvraag voor een energiepremie niet verder in behandeling te nemen. De aanvraag was ingediend na de uiterste datum van 16 januari 2004, zoals vereist op grond van de Tijdelijke regeling energiepremies 2003 en de daaropvolgende intrekkingsregeling.
De Raad van State overwoog dat verweerder zich terecht heeft gebaseerd op de door het energiebedrijf geregistreerde ontvangstdatum van 27 januari 2004, omdat appellante geen bewijs heeft geleverd van een eerdere verzenddatum. Tevens werd het beroep op het vertrouwensbeginsel afgewezen, omdat appellante ten tijde van de brief van het energiebedrijf van 24 oktober 2003 nog geen aanvraag had ingediend en het energiebedrijf geen garanties kon geven over de toekenning van de premie.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat appellante geen recht heeft op de gevraagde energiepremie en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van de aanvraag en geen toepassing van het vertrouwensbeginsel.