ECLI:NL:RVS:2005:AU7955
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bouwvergunningplicht voor varkenshouderijconstructies zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Buren heeft appellante, exploitant van een varkenshouderij, aangeschreven om diverse bouwwerken, waaronder foliebassins, een betonnen bak, een pomphuis en leidingwerk, te verwijderen wegens het ontbreken van een bouwvergunning. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellante deels gegrond voor de mestbassins, maar ongegrond voor de overige bouwwerken.
Appellante stelde dat het leidingwerk niet als bouwwerk kon worden aangemerkt en dat de vloerplaat van de betonnen bak niet onder de aanschrijving viel. De Raad van State oordeelde dat de constructieve en functionele samenhang tussen de verschillende onderdelen een samenhangend bouwwerk vormt dat vergunningplichtig is volgens artikel 40 van Pro de Woningwet.
De Raad van State bevestigde dat handhaving gerechtvaardigd is omdat geen vergunning is verleend en geen concreet uitzicht op legalisatie bestaat. Het hoger beroep van appellante werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de handhaving van de bouwvergunningplicht bevestigd.