ECLI:NL:RVS:2005:AU7947
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onrechtmatige handhaving milieuregels
Appellant kreeg bij besluit van 20 september 2004 een last onder dwangsom opgelegd wegens vermeende overtredingen van artikel 8.1 van de Wet milieubeheer en voorschriften uit zijn milieuvergunning. Het betrof de acceptatie van afvalstoffen (spoorbielzen) en de opslag van elektromotoren zonder vloeistofdichte vloer, alsmede het stallen van containers, voertuigen en machines buiten de inrichting.
Appellant betwistte de overtredingen en stelde dat de spoorbielzen als bedrijfsmiddelen werden gebruikt en de elektromotoren ontdaan waren van gevaarlijke stoffen. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat sprake was van overtredingen; er ontbraken controle- en bewijsmiddelen. Daarnaast was het besluit onduidelijk over het terrein waar de last gold, wat in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel.
De Raad van State oordeelde dat de overtredingen niet waren vastgesteld en dat het besluit onvoldoende duidelijkheid bood. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend behalve het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot last onder dwangsom wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs en schending van het rechtszekerheidsbeginsel.