ECLI:NL:RVS:2005:AU7614
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J.A.M. van Angeren
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugwerkende vervallenverklaring tenaamstelling voertuigen door RDW
De Algemeen Directeur van de Dienst Wegverkeer (RDW) heeft bij besluit van 2 april 2004 de tenaamstelling van 240 voertuigen op naam van appellant vervallen verklaard en geweigerd deze met terugwerkende kracht te vervallen te verklaren. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, welke door de rechtbank Rotterdam en vervolgens door de Raad van State ongegrond werden verklaard.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beleid van de RDW om in beginsel geen terugwerkende kracht te verlenen aan vervallenverklaringen van tenaamstellingen redelijk is en wordt gerechtvaardigd door de zuiverheid van het kentekenregister en rechtszekerheid. Het beroep van appellant dat het beleid in strijd zou zijn met de richtlijn 95/46/EG inzake persoonsgegevensbescherming en met mensenrechtenverdragen werd verworpen.
De Raad van State bevestigde het eerdere oordeel dat de RDW terecht geen aanleiding zag om af te wijken van haar beleid en de tenaamstelling met terugwerkende kracht te vervallen te verklaren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beslissing van de RDW bevestigd.