ECLI:NL:RVS:2005:AU7555
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen wijziging vergunning lozing oppervlaktewater
Bij besluit van 15 september 2005 heeft het Hoogheemraadschap van Rijnland ambtshalve een vergunning gewijzigd die op 8 november 1995 aan verzoeker B was verleend voor het lozen van bedrijfsafvalwater op oppervlaktewater. De wijziging betrof onder meer een voorschrift dat de windkering minimaal 0,5 meter hoger moet zijn dan de hoogte van de spuitboom.
Verzoekers stelden dat verhoging niet nodig is vanwege innovatieve bedrijfsvoering met driftbeperkende technieken en wezen op de hoge kosten van circa € 25.000,-. De Voorzitter constateerde dat het besluit uitgaat van de noodzaak van verhoging ter bescherming van waterkwaliteit, maar dat de termijn voor uitvoering niet was gespecificeerd.
Gezien de belangenafweging, waaronder de financiële belangen van verzoekers, heeft de Voorzitter besloten het besluit bij wijze van voorlopige voorziening te schorsen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan verzoekers vergoed. Deze beslissing is niet bindend voor de bodemprocedure.
Uitkomst: Het besluit tot wijziging van de vergunning wordt bij voorlopige voorziening geschorst.