ECLI:NL:RVS:2005:AU6662
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing vergunningvoorschriften stofexplosiegevaar bij inrichting cacaoverwerking
Bij besluit van 30 augustus 2005 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ede een milieuvergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het verwerken van cacaobonen en andere cacaoproducten. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
Zij verzocht om schorsing van de vergunningvoorschriften 42 tot en met 54, die betrekking hebben op stofexplosiegevaar. Verzoekster stelde dat deze voorschriften onterecht in de vergunning waren opgenomen omdat dit onderwerp al geregeld is in de Arbeidsomstandighedenwet 1998 en dat er geen stofexplosiegevaar voor de omgeving buiten de inrichting zou zijn. Subsidiair stelde zij dat eerst nader onderzoek naar het stofexplosiegevaar voor de omgeving moest plaatsvinden.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat deze voorschriften waarschijnlijk in de bodemprocedure niet in stand zullen blijven, maar dat om onomkeerbare gevolgen te voorkomen en gezien het beperkte milieuhygiënisch risico, schorsing van deze voorschriften op zijn plaats is. Tevens werd de gemeente Ede veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan verzoekster.
De uitspraak werd gedaan op 17 november 2005 door Voorzitter mr. W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd in aanwezigheid van ambtenaar van Staat mr. C. Sparreboom.
Uitkomst: De vergunningvoorschriften 42 tot en met 54 over stofexplosiegevaar zijn geschorst en de gemeente is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.