ECLI:NL:RVS:2005:AU5871
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- M.W.L. Simons-Vinckx
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vergunning lozing retourwater op oppervlaktewater bij baggerdepot Oud Wulven
Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het hoogheemraadschap 'De Stichtse Rijnlanden' heeft op 26 oktober 2004 een vergunning verleend voor het lozen van retourwater afkomstig uit het baggerdepot Oud Wulven. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het toezicht op naleving onvoldoende is, de milieueffecten van de lozing onderschat worden en de natuurwaarden van nabijgelegen natuurgebieden worden aangetast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het bevoegd gezag terecht de vergunning heeft verleend met passende milieutechnische voorschriften, waaronder lozingseisen gebaseerd op het CIW/CUWVO-rapport en uitgebreide monitoring. Het toezicht is adequaat geregeld, mede doordat onafhankelijke bureaus monsters nemen en de milieu-inspecteur betrokken is.
Verder is vastgesteld dat het retourwater wordt geloosd op dezelfde watergang als waar de baggerspecie vandaan komt, en dat de lozing geen negatieve effecten heeft op de natuurgebieden 'Fort 't Hemeltje' en 'Nieuw Wulven', mede door de stromingsrichting van het water. Een toetsing aan de Flora- en faunawet bij vergunningverlening is niet vereist. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor lozing van retourwater is ongegrond verklaard.