ECLI:NL:RVS:2005:AU5869
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bouwverbod en dwangsom voor illegale loods in agrarisch gebied
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort legde appellant een last onder dwangsom op om de bouw van een loods op een perceel in het agrarisch gebied te staken en het reeds gebouwde deel te verwijderen. Appellant voerde aan dat er concreet zicht op legalisatie bestond omdat voor een andere loods op hetzelfde perceel wel een bouwvergunning was verleend en dat het voorgenomen gebruik niet afweek van het vergunde gebruik.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het college bevoegd was tot handhaving omdat de loods zonder vergunning is gebouwd in strijd met het bestemmingsplan. Het feit dat een milieuvergunning was verleend en een eerdere bouwvergunning voor een andere loods was verleend, leidt niet tot concreet zicht op legalisatie van de nu gebouwde loods.
Daarnaast is het voorgenomen gebruik van de loods niet conform de bestemming omdat de loods mede wordt gebruikt voor opslag van caravans, wat niet is toegestaan. Ook het tegenadvies naar aanleiding van het welstandsadvies leidt niet tot een ander oordeel. De Raad vindt dat het handhavend optreden niet onevenredig is en wijst het hoger beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de handhaving van het bouwverbod bevestigd.