ECLI:NL:RVS:2005:AU5409
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.G. Drupsteen
- M.A.G. Stolker
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vergunning Wet milieubeheer voor inrichting te Van Ewijcksluis
Bij besluit van 8 maart 2005 verleende het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland een vergunning aan een vergunninghouder voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting te Van Ewijcksluis. De Dorpsvereniging Van Ewijcksluis stelde hiertegen beroep in bij de Raad van State.
De Raad oordeelde dat het beroep voor zover het zag op het handhavingsverleden niet-ontvankelijk was, omdat appellante geen bedenkingen tegen het ontwerpbesluit had ingebracht en geen uitzonderingen golden. Verder werd beoordeeld of de vergunning terecht was verleend in het belang van milieubescherming, zoals voorgeschreven in de Wet milieubeheer.
De aangevoerde formele bezwaren hadden betrekking op onregelmatigheden na het besluit en raakten de rechtmatigheid van het besluit niet. Toezeggingen over beëindiging van activiteiten konden geen gewicht krijgen omdat deze buiten het beoordelingskader vielen. Verkeersbewegingen werden terecht niet meegenomen omdat deze in het heersende verkeersbeeld waren opgenomen.
Ook de stelling dat de inrichting niet past bij de recreatieve functie van het dorp faalde omdat dit geen milieubelang betrof. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening is ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.