ECLI:NL:RVS:2005:AU5396
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Herroeping besluit dwangsom dierenhotel in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder legde appellant een dwangsom op om honden, katten en detailhandel uit een dierenhotel te verwijderen omdat het gebruik in strijd was met het bestemmingsplan. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep deels gegrond en vernietigde het besluit voor de periode na 23 augustus 2004.
Appellant stelde dat de beslissing op bezwaar niet zorgvuldig was voorbereid en dat de begunstigingstermijn onredelijk kort was. De commissie voor de bezwaarschriften adviseerde het bezwaar gegrond te verklaren vanwege onvoldoende belangenafweging en onredelijke dwangsomhoogte.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht handhavend kon optreden omdat er geen concreet uitzicht op legalisatie was bij het primaire besluit. Wel was de begunstigingstermijn onredelijk kort en had appellant hierom tijd moeten krijgen om alternatieven te zoeken. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het besluit herroepen en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college tot oplegging van een dwangsom is herroepen vanwege een onredelijk korte begunstigingstermijn en onvoldoende belangenafweging.