ECLI:NL:RVS:2005:AU4994
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- Ch.W. Mouton
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunningvoorschriften Akzo Nobel Pharma B.V. wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid
Bij besluit van 12 oktober 2004 verleende het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een revisievergunning aan Akzo Nobel Pharma B.V. voor productie en verkoop van geneesmiddelen. Appellante stelde beroep in tegen dit besluit. Na behandeling van het beroep heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard.
De Afdeling oordeelde dat de beoordelingsvrijheid van verweerder ten aanzien van de bodembeschermingssystematiek onvoldoende was gemotiveerd, met name de afwijking van de Nederlandse Richtlijn bodembescherming (NRB) en de gehanteerde termijnen in voorschriften 4.1.2 en 4.1.3. Tevens werd geoordeeld dat het voorschrift 4.7.1 over het vaststellen van de bodemkwaliteit onvoldoende zorgvuldigheid vertoonde doordat niet was vastgesteld of de bodemonderzoeken een volledig beeld geven.
Daarnaast werd de termijn van 54 maanden in voorschrift 11.3.4 voor uitvoering van implementatieplannen onvoldoende gemotiveerd geacht. Andere beroepsgronden, zoals geurhinder en branddetectie bij genetisch gemodificeerde organismen, werden ongegrond verklaard. De Afdeling vernietigde de genoemde voorschriften en gelastte het college binnen 12 weken een nieuw besluit te nemen, met vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard en het besluit op onderdelen vernietigd met de verplichting tot een nieuw besluit binnen 12 weken.