ECLI:NL:RVS:2005:AU4563
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake bouwvergunning en handhaving woning binnen bestemmingsplangebied
Het college van burgemeester en wethouders van Bergh verleende op 26 augustus 2003 een bouwvergunning voor het oprichten van een woning met carport op een perceel te [plaats]. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning en het uitblijven van bestuursdwang, omdat een deel van de woning binnen het bestemmingsplan 'Buitengebied 2000' valt, dat is bestemd als 'Agrarisch gebied' met nadere aanduiding 'tuinen'.
De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde dat het college het bezwaar tegen de bouwvergunning terecht niet-ontvankelijk had verklaard wegens termijnoverschrijding en dat het college terecht geen bestuursdwang had toegepast. Appellant stelde in hoger beroep dat het college had moeten handhaven omdat de bouw deels in strijd was met het bestemmingsplan.
De Raad van State oordeelt dat de geringe overschrijding van maximaal 47 centimeter binnen het agrarisch gebied niet leidt tot een wezenlijke aantasting van de uitbreidingsmogelijkheden van het agrarisch bedrijf van appellant. Er is geen concreet uitzicht op legalisatie en het college heeft terecht geoordeeld dat handhaving onevenredig zou zijn in verhouding tot de te dienen belangen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.