ECLI:NL:RVS:2005:AU4152
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- D.A.C. Slump
- S.H. van den Ende
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bouwvergunning voor verbouw school tot commerciële ruimten en appartementen
Het college van burgemeester en wethouders van Uden verleende op 25 maart 2004 een bouwvergunning aan Dewara Vastgoed B.V. voor de verbouw van een school tot commerciële ruimten en appartementen en voor de bouw van commerciële ruimten en appartementen op een perceel aan de Kapelstraat 15-17 te Uden. Verzoekers, bewoners uit de nabijgelegen locaties, maakten bezwaar tegen deze vergunning en stelden dat ontheffing van artikel 2.5.30, eerste lid, van de bouwverordening niet had mogen worden verleend vanwege de te verwachten parkeeroverlast.
De rechtbank 's-Hertogenbosch verklaarde het beroep van verzoekers gegrond en vernietigde het besluit op bezwaar, waarna het college het bezwaar ongegrond verklaarde en het oorspronkelijke besluit handhaafde met een verbeterde motivering. Verzoekers stelden daarop hoger beroep in bij de Raad van State en verzochten om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het verzoek en oordeelde dat het college met een onderzoek van Arcadis voldoende aannemelijk had gemaakt dat de bestaande parkeercapaciteit toereikend is voor de toegenomen parkeerbehoefte door het bouwplan. Er waren geen aanwijzingen dat het onderzoek gebreken vertoonde of dat het bouwplan tot ontoelaatbare parkeerdruk zou leiden. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter zonder bindende werking in de bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van parkeeroverlast.