ECLI:NL:RVS:2005:AU3359
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- S.W. Schortinghuis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bouwvergunning bedrijfswoning wegens ontbreken zelfstandig volwaardig agrarisch bedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Breda wees op 17 april 2003 een aanvraag van appellant af voor vrijstelling en bouwvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning en garage op een perceel aan de Rijsbergsebaan te Breda. Na heroverweging bleef het college bij deze afwijzing. De rechtbank Breda verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het bestemmingsplan "Buitengebied Rijsbergen" het bouwen van woningen op het perceel verbiedt, tenzij vrijstelling wordt verleend voor een woning ten dienste van een volwaardig agrarisch bedrijf. Appellant exploiteert samen met zijn echtgenote een tuinbouwbedrijf op een andere locatie met een bedrijfswoning. Gezien de nabijheid, de aard van het bedrijf en de intensieve betrokkenheid van appellant, is er volgens de Raad geen sprake van een zelfstandig volwaardig agrarisch bedrijf waarvoor een aparte bedrijfswoning onontbeerlijk is.
De Raad verwierp het betoog van appellant dat de rechtbank op een onjuiste feitelijke grondslag had geoordeeld en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de bouwvergunning voor de bedrijfswoning wegens het ontbreken van een zelfstandig volwaardig agrarisch bedrijf.