ECLI:NL:RVS:2005:AU2155
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering bouwvergunning wegens onvoldoende motivering welstandsoordeel
Het college van burgemeester en wethouders van 's-Hertogenbosch weigerde op 25 april 2000 een bouwvergunning voor het oprichten van een woning met agrarische bijgebouwen op een perceel. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank aanvankelijk in het voordeel van appellant, maar bij een latere uitspraak werd het beroep ongegrond verklaard. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of het college de bouwvergunning terecht had geweigerd op grond van het niet voldoen aan redelijke eisen van welstand. De Afdeling oordeelde dat het college en de welstandscommissie hun oordeel onvoldoende hadden gemotiveerd, met name omdat zij een onjuiste vergelijking maakten tussen het gebied van het bouwplan en een ander gebied waar identieke woningen wel waren toegestaan.
De Afdeling stelde vast dat de welstandscommissie onterecht een gebied met een ander landschappelijk karakter als vergelijkingsbasis had genomen, terwijl het gebied van appellant overeenkomt met dat waar positieve adviezen waren gegeven. Hierdoor was het besluit op bezwaar niet deugdelijk gemotiveerd en moest worden vernietigd.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en beval het college om opnieuw op het bezwaar te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de bouwvergunning wordt vernietigd en het college dient opnieuw te beslissen met een deugdelijke motivering.