ECLI:NL:RVS:2005:AU2145
Raad van State
- Hoger beroep
- F.P. Zwart
- B.J. van Ettekoven
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorkeursrecht gemeente Den Haag op grond van regionaal structuurplan
De gemeente Den Haag heeft op grond van artikel 2 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) een voorkeursrecht gevestigd op gronden van appellante, gelegen in een gebied met bestemming 'bestaand bedrijventerrein te herstructureren' en 'regionale weg indicatief geprojecteerd' volgens het Regionaal Structuurplan Haaglanden.
Appellante voerde aan dat het Structuurplan onvoldoende basis biedt voor het voorkeursrecht, met name vanwege planologische onzekerheden en onduidelijkheid over de financiële haalbaarheid. Tevens stelde zij dat de motivering en zorgvuldigheid van het besluit tekortschoten en dat sprake was van willekeur doordat andere nabijgelegen gronden niet onder het voorkeursrecht vielen.
De Raad van State oordeelde dat het Structuurplan een toereikende grondslag vormt voor het vestigen van het voorkeursrecht en dat de eerdere vestiging van een voorkeursrecht op dezelfde gronden geen strengere eisen aan de motivering stelt. De stellingen van appellante over planologische en financiële onzekerheden, alsmede over willekeur, werden verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. De rechtbank had terecht geoordeeld dat het besluit zorgvuldig was voorbereid en gemotiveerd.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het voorkeursrecht van de gemeente Den Haag op de gronden van appellante bevestigd.