ECLI:NL:RVS:2005:AU1398
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- T.E. Larsson-van Reijsen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vernietiging besluit huursubsidie wegens vermogenstoets
Bij besluit van 19 augustus 2002 stelde de minister de huursubsidie van wederpartij over het tijdvak 1 juli 2001 tot 30 juni 2002 vast op nihil vanwege een te hoog vermogen op 1 januari 2000. De rechtbank Groningen vernietigde dit besluit omdat de minister zijn beleidsvrijheid inzake de hardheidsclausule te beperkt had toegepast.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het besluit in strijd was met artikel 26, eerste lid, van de Huursubsidiewet. De minister mag de hardheidsclausule niet beperken tot een limitatief aantal gevallen en de daling van vermogen na het peiljaar is niet relevant voor toepassing van deze clausule.
De Raad van State bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven op grond van artikel 8:72, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep op het vertrouwensbeginsel door wederpartij faalt omdat de minister de toekenning van huursubsidie kan herzien indien deze in strijd is met de wet. De uitspraak van de rechtbank wordt voor het overige bevestigd en het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand.