Uitspraak
200304128/1, overwogen dat de in de Richtlijn genoemde omrekeningsfactoren als de meest recente milieutechnische inzichten kunnen worden beschouwd. In hetgeen appellanten sub 2 hebben aangevoerd, ziet de Afdeling geen aanleiding thans anders te oordelen dan in haar uitspraak van 24 maart 2004.
200200073/1zijn vernietigd en de inrichting aldus zonder geldige vergunning in werking is gesteld. Uit het vorenstaande volgt dat sprake is van een nieuwe installatie in de zin van de IPPC-richtlijn. Nu verweerder dit heeft miskend en daardoor de vergunningaanvraag niet heeft getoetst aan het in de IPPC-richtlijn opgenomen beoordelingskader voor nieuwe installaties, is het bestreden besluit in strijd met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht onzorgvuldig voorbereid en in strijd met artikel 3:46 van Pro die wet onvoldoende gemotiveerd.