ECLI:NL:RVS:2005:AU1095
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing huursubsidie en kostenvergoeding
Appellant had bij de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer een aanvraag ingediend voor huursubsidie voor de periode van 1 juli 2002 tot en met 30 juni 2003, welke op 4 april 2003 werd afgewezen. Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing en verzocht tevens om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand. De Minister verklaarde het bezwaar gegrond maar wees het verzoek om kostenvergoeding af.
Appellant stelde beroep in bij de rechtbank Groningen tegen de afwijzing van het verzoek om kostenvergoeding, maar dit beroep werd ongegrond verklaard. Hiertegen stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog ambtshalve dat de rechtbank reeds had beslist over het bezwaar en dat appellant geen belang meer had bij de beoordeling van het besluit van 5 april 2004.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang. Tevens werd bepaald dat het door appellant betaalde griffierecht van €207,00 door de secretaris van de Raad van State aan appellant wordt vergoed. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard en het betaalde griffierecht wordt aan appellant vergoed.