ECLI:NL:RVS:2005:AU0767
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.K.W. Bartel
- M. Oosting
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing en vernietiging van goedkeuringsbesluit bestemmingsplan Meerssen, Rothem en Weert
De gemeenteraad van Meerssen stelde op 16 oktober 2003 het bestemmingsplan Meerssen, Rothem en Weert vast. Het college van gedeputeerde staten van Limburg besloot op 11 mei 2004 over de goedkeuring van dit plan. Diverse appellanten stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het geschil en oordeelde over onder meer de ontvankelijkheid van de beroepen, de toetsing aan het recht en de ruimtelijke ordening.
De Afdeling verklaarde sommige beroepen niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig indienen van zienswijzen. Zij oordeelde dat het college terecht goedkeuring onthield aan woningbouw op het voormalige Amicitasterrein vanwege het externe veiligheidsbeleid rond het luchtvaartterrein Maastricht. Ook werd vastgesteld dat het college ten onrechte goedkeuring verleende aan een bebouwingscontour buiten het plangebied en aan een bestemmingsplandeel aan de Oude Rijksweg in Weert, waarvoor de Afdeling zelf goedkeuring verleende.
Verder vernietigde de Afdeling het besluit inzake de aanduiding zij- en achtergevelrooilijn op het perceel Bunderstraat 207 wegens onvoldoende motivering. Ook werd het besluit vernietigd dat het maximum bruto vloeroppervlak en het onderscheid tussen food- en non-food detailhandel op de locatie Kuilenstraat 73 regelt, omdat aanvullend onderzoek ontbrak. Ten aanzien van de wijzigingsbevoegdheid voor agrarische gronden met landschappelijke waarden oordeelde de Afdeling dat het besluit in strijd was met het Besluit geluidsbelasting grote luchtvaart. Tot slot vernietigde zij het besluit dat bebouwing mogelijk maakt op gronden met de dubbelbestemming beschermingszone watergang, omdat waterhuishoudkundige belangen onvoldoende waren betrokken.
De Afdeling veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten aan enkele appellanten en bepaalde dat de uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt delen van het goedkeuringsbesluit en onthoudt goedkeuring aan bepaalde planonderdelen wegens strijd met de WRO en Awb.