ECLI:NL:RVS:2005:AT9665
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.G.C. Wiebenga
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen besluit onthouden instemming hersaneringsplan gemeente Brunssum
Bij besluit van 6 mei 2003 heeft verweerder op grond van artikel 39 van Pro de Wet bodembescherming de instemming onthouden aan het hersaneringsplan Woonvlek I Parkplan Emma van de gemeente Brunssum. Appellanten sub 1 en sub 2 hebben hiertegen beroep ingesteld. Appellanten sub 1 voerden aan dat hun bezwaren ten onrechte niet-ontvankelijk zijn verklaard, omdat zij vrezen dat foutieve onderzoeksresultaten leiden tot verkeerde saneringsnormen en gezondheidsrisico's.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de bezwaren van appellanten sub 1 zich richtten op de overwegingen en niet op het dictum van het besluit, waardoor zij geen belang hadden bij heroverweging en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard. Het beroep van appellanten sub 1 werd ongegrond verklaard.
Appellant sub 2 stelde dat verweerder ten onrechte uitging van het saneringsplan uit 1996 in plaats van de feitelijke situatie en het huidige beleid. De Afdeling stelde vast dat het hersaneringsplan een aanpassing van het saneringsplan uit 1996 is en dat afwijkingen daarvan gemotiveerd moeten worden. Omdat het hersaneringsplan geen onderbouwing gaf voor de afwijkingen en gevolgen daarvan, was het standpunt van verweerder redelijk. Het beroep van appellant sub 2 werd eveneens ongegrond verklaard.
De Afdeling stelde vast dat de sanering niet conform het oorspronkelijke plan was uitgevoerd en dat een hersaneringsplan passend is indien volledige uitvoering onevenredig belastend is. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De beroepen werden ongegrond verklaard en het besluit van verweerder bevestigd.
Uitkomst: De beroepen tegen het besluit om instemming aan het hersaneringsplan te onthouden worden ongegrond verklaard.