ECLI:NL:RVS:2005:AT9280
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- J.A.M. van Angeren
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Weigering drank- en horecavergunning wegens slecht levensgedrag en eerdere intrekking vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven weigerde appellant een drank- en horecavergunning te verlenen voor een horecabedrijf in een pand te Eindhoven. Deze weigering was gebaseerd op het feit dat appellant van slecht levensgedrag werd geacht en dat hij binnen de laatste vijf jaar leidinggevende was geweest van een horecabedrijf waarvan de vergunning was ingetrokken wegens gevaar voor de openbare orde.
Appellant was vennoot en exploitant van een café waarvan de drank- en horecavergunning eerder was ingetrokken. Hij voerde aan dat hij niet verantwoordelijk was voor de strafbare feiten die tot de intrekking hadden geleid, maar de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant onvoldoende verantwoordelijkheid had genomen om criminele activiteiten in zijn horecabedrijf te voorkomen.
De rechtbank had het beroep van appellant tegen de weigering reeds ongegrond verklaard, en de Raad van State bevestigde deze uitspraak. Het hoger beroep van appellant bracht geen nieuwe feiten of argumenten die tot een ander oordeel konden leiden. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de drank- en horecavergunning wordt bevestigd.