ECLI:NL:RVS:2005:AT8442
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.R. Schaafsma
- F.B. van der Maesen de Sombreff
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen last onder dwangsom voor overtreding Wet milieubeheer
Bij besluit van 25 juni 2004 legde de provincie Drenthe aan Essent Milieu Wijster B.V. een last onder dwangsom op wegens het afvoeren van GWW-compost in strijd met artikel 10.37 van de Wet milieubeheer. Appellanten, die betrokken zijn bij de aanleg van een aarden wal op een golfbaan en contractuele relaties met Essent hebben, maakten bezwaar tegen dit besluit, dat niet-ontvankelijk werd verklaard. Hiertegen stelden zij beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellanten geen rechtstreeks belang hebben bij het besluit, maar slechts een afgeleid belang uit contractuele relaties. Het begrip 'een ander' in artikel 10.37 Wet milieubeheer is beperkt tot de regeling zelf en geeft appellanten geen rechtstreeks belang. Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Hoewel de last onder dwangsom later werd ingetrokken wegens het staken van de overtreding, is het beroep inhoudelijk beoordeeld vanwege het mogelijke belang van appellanten. De Afdeling verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd op 29 juni 2005 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard wegens gebrek aan rechtstreeks belang.