ECLI:NL:RVS:2005:AT7969
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- P.A. Offers
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en weigering drank- en horecavergunning wegens strafbare feiten in horecagelegenheden
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg heeft op 15 juni 2004 de drank- en horecavergunningen van appellant ingetrokken wegens het aantreffen van strafbare feiten in zijn horecagelegenheden, waaronder handel en gebruik van harddrugs en vuurwapenhandel. Tevens werd bepaald dat nieuwe vergunningen voor twee jaar worden geweigerd. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, maar zowel het college als de voorzieningenrechter verklaarden deze ongegrond.
De Raad van State overwoog dat het besluit tot intrekking gebaseerd is op een rapport van het Boven Regionaal Recherche Team en een proces-verbaal van bevindingen waarin politie-infiltranten drugshandel en gebruik constateerden. Ook het vonnis van de strafrechter dat appellant schuldig bevond aan georganiseerde drugshandel werd betrokken. Appellant voerde aan dat de bewijsvoering onvoldoende concreet was en dat het besluit niet in verhouding stond tot de feiten, maar deze bezwaren werden verworpen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het intrekken van de vergunningen geen straf is, maar een maatregel ter bescherming van de openbare orde. Het college had een voldoende feitelijke grondslag voor het besluit. Ook de weigering van nieuwe vergunningen voor twee jaar werd als gerechtvaardigd beschouwd om de drugssituatie te bestrijden. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en weigering van vergunningen wordt bevestigd.