ECLI:NL:RVS:2005:AT5655
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- C.H.M. van Altena
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring hoger beroep tegen tijdelijke sluiting coffeeshop wegens openbare orde
Appellant, de burgemeester van Rotterdam, heeft bij besluit van 26 september 2002 een coffeeshop tijdelijk voor veertien dagen gesloten na een schietincident dat volgde op een overval. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van de exploitant gegrond en vernietigde de sluitingsbeslissing. De burgemeester stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overweegt dat de coffeeshop gelegen is in een veiligheidsrisicogebied en dat het schietincident, samen met eerdere overvallen, tot grote onrust bij omwonenden heeft geleid. De Afdeling oordeelt dat de burgemeester zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat het geopend blijven van de inrichting een gevaar voor de openbare orde en het woon- en leefklimaat vormde, en dat een tijdelijke sluiting als reparatoire maatregel gerechtvaardigd was.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van de exploitant ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De tijdelijke sluiting van de coffeeshop wordt gehandhaafd en het beroep van de exploitant wordt ongegrond verklaard.