ECLI:NL:RVS:2005:AT4707
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.M. Boll
- F.T.T. van der Heijde
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen milieubelastingvergunning voor opslag en bewerking afvalstoffen
Bij besluit van 13 januari 2005 heeft de provincie Zuid-Holland aan een vergunninghoudster een milieuvergunning verleend voor het opslaan, overslaan en bewerken van metalen, autowrakken, afvalhout, glas, accu's en kabelafval op een perceel in een gemeente. Verzoekers, wonend in de nabijheid, hebben tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 12 april 2005. Verweerder stelde dat het verzoek niet-ontvankelijk was omdat het beroepschrift niet door alle verzoekers was ondertekend, maar de Voorzitter oordeelde dat het verzoekschrift mede namens beide verzoekers was ingediend en behandelde het verzoek inhoudelijk.
De Voorzitter overwoog dat niet alle bezwaren van verzoekers als bedenking tegen het ontwerpbesluit waren ingebracht, waardoor het beroep op die punten niet ontvankelijk zou zijn. Ten aanzien van de vrees voor geluid- en stofhinder stelde de Voorzitter vast dat aan de vergunning voorschriften zijn verbonden die beperkingen en maatregelen bevatten om hinder te voorkomen, zoals openingstijden, geluidsnormen en stofbeheersing.
De Voorzitter achtte het redelijk dat verweerder zich op het standpunt stelde dat onaanvaardbare hinder niet te verwachten is. Verzoekers kunnen bij vermeende overtreding handhavingsmaatregelen verzoeken. Daarom zag de Voorzitter geen aanleiding voor een voorlopige voorziening en wees het verzoek af. De hoofdzaak zal spoedig worden behandeld.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de milieuvergunning wordt afgewezen.