ECLI:NL:RVS:2005:AT4213
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van toekenning planschadevergoeding na wijziging bestemmingsplan
Appellante, eigenaar van een perceel te Drimmelen, vorderde een hogere vergoeding voor waardevermindering van haar perceel door uitzichthinder, geluidsoverlast, toegenomen verkeer en privacybeperkingen als gevolg van een gewijzigde bestemming naar glastuinbouw.
De raad van de gemeente Drimmelen kende haar bij besluit van 16 mei 2002 een vergoeding toe van €7.941, vermeerderd met wettelijke rente. Appellante stelde dat dit bedrag onvoldoende was en overhandigde een taxatierapport ter onderbouwing van een hogere schadevergoeding.
De rechtbank Breda oordeelde dat de raad terecht was uitgegaan van het advies van de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ), waarin rekening werd gehouden met de planologische mogelijkheid van kassen onder het oude bestemmingsplan. De rechtbank verwierp het beroep van appellante omdat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de maximale bouwmogelijkheden onder het oude plan onrealistisch waren.
De Raad van State bevestigt dit oordeel en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding om het deskundigenrapport van de makelaar/taxateur nader te horen. De uitspraak van de rechtbank wordt bekrachtigd en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergoeding van €7.941 wordt bevestigd.