ECLI:NL:RVS:2005:AT4202
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Th.G. Drupsteen
- J. Fransen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit wijziging milieuregels autowrakkeninrichting wegens onvoldoende zorgvuldigheid
Bij besluit van 22 december 2004 wijzigde het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland de voorschriften verbonden aan een milieuvergunning voor een inrichting voor het bewaren en bewerken van autowrakken. Appellante stelde beroep in tegen deze wijziging en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Raad van State oordeelde dat de toevoeging van voorschriften A.3.1 tot en met A.3.6, die betrekking hebben op bodembeschermende maatregelen, niet verenigbaar was met het zorgvuldigheidsbeginsel. Tevens erkende verweerder dat deze voorschriften niet aan de vergunning hadden behoeven te worden verbonden. Daarnaast was men het eens dat een aantal andere voorschriften met betrekking tot bodembescherming niet had mogen vervallen.
Nader onderzoek werd als niet noodzakelijk geacht en de Raad van State besloot het beroep gegrond te verklaren en het bestreden besluit te vernietigen voor zover het de genoemde voorschriften betreft. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen, maar de provincie werd wel veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van 22 december 2004 wordt vernietigd voor zover het de bodembeschermende voorschriften betreft en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.